Verordening van het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland houdende regels omtrent Fonds Cofinanciering (Beheersverordening Fonds Cofinanciering Holland Rijnland)

Publicatiedatum:
maandag 2 maart 2020
Originele publicatie downloaden:
Download het PDF bestand
Type bekendmaking:
Verordeningen



Verordening van het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland houdende regels omtrent Fonds Cofinanciering (Beheersverordening Fonds Cofinanciering Holland Rijnland)

Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland;

 

besluit vast te stellen de volgende verordening:

Beheersverordening Fonds Cofinanciering

 

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begrippen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • -

    AB, Algemeen Bestuur: het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland;

  • -

    cofinanciering: wijze waarop een financiële bijdrage aan een initiatief kan worden toegekend waarbij de initiatiefnemer(s) een inhoudelijke en financiële bijdrage leveren en waarbij dit leidt tot extra investeringen door andere partijen naast Holland Rijnland en/of inliggende gemeenten;

  • -

    DB, Dagelijks Bestuur: het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland;

  • -

    Fonds: het Fonds Cofinanciering;

  • -

    Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda: documenten, door het AB vastgesteld op respectievelijk 16 december 2015 en 30 oktober 2019 waarin de eerst veertien en later dertien deelnemende gemeenten in de Gemeenschappelijk Regeling Holland Rijnland richting en invulling geven aan hun gezamenlijke ambities op het gebied van Maatschappij, Economie en Leefomgeving;

  • -

    initiatief: een concept ontwikkelplan, plan van aanpak of business case waarmee bijgedragen wordt aan het realiseren van de ambities zoals die zijn vastgelegd in de Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda;

  • -

    initiatiefnemer: een rechtspersoon op wiens initiatief een plan ter cofinanciering wordt ingediend;

  • -

    aanvrager: het DB en initiatiefnemer(s) tezamen;

  • -

    regio: het samenwerkingsgebied van de Gemeenschappelijke Regeling Holland Rijnland.

Artikel 1.2  

Besluiten ter uitvoering van deze Verordening worden genomen door het Dagelijks Bestuur, tenzij in deze Verordening anders is bepaald. 

Hoofdstuk 2 Fonds Cofinanciering

Artikel 2.1 Instellen Fonds

Er is een door het AB ingesteld Fonds Cofinanciering.

Artikel 2.2. Doelstelling Fonds

Het Fonds is bedoeld ter ondersteuning van initiatieven uit de regio die een bijdrage leveren aan het realiseren van de ambities uit de Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda of initiatieven die aansluiten op de actualiteit en innovatief van aard zijn en van belang voor de regio.

Artikel 2.3. Voeding van het Fonds

Jaarlijks wordt het Fonds gevoed uit de begroting. Daarbij bestaat de mogelijkheid om aanvullende voeding toe te voegen uit een positief jaarresultaat bij de vaststelling van de jaarrekening. De voeding van het Fonds wordt door het Algemeen Bestuur vastgesteld.

Artikel 2.4 Looptijd van het Fonds

Het Algemeen Bestuur besluit over de beëindiging van het Fonds waarbij rekening dient te worden gehouden met lopende verplichtingen.

Artikel 2.5 Beheer van het Fonds

Het Fonds wordt beheerd door het Dagelijks Bestuur. De beheerskosten van het Fonds komen ten laste van de algemene begroting van Holland Rijnland.

Artikel 2.6 Rekening en verantwoording van het Fonds

Er wordt een apart hoofdstuk Fonds Cofinanciering opgenomen in de begrotingen en jaarrekeningen van Holland Rijnland. Op deze wijze legt het DB verantwoording af aan het AB met betrekking tot de uitgaven van het Fonds. 

Hoofdstuk 3 Voorwaarden voor een bijdrage uit het Fonds

Artikel 3.1 Bijdrage aan initiatief

Het DB kan een bijdrage uit het Fonds toekennen aan een initiatief uit de regio dat bijdraagt aan het realiseren van de ambities uit de Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda of een initiatief dat aansluit op de actualiteit en innovatief van aard is en van belang voor de regio.

Artikel 3.2 Bovengemeentelijk initiatief

Een initiatief dient voor meer dan een deelnemende gemeente binnen de Gemeenschappelijk Regeling Holland Rijnland relevant te zijn

Artikel 3.3. Indienen concept plan van een initiatief

De initiatiefnemers dienen een concept ontwikkelplan, plan van aanpak of business case in bij het Dagelijks Bestuur.

Artikel 3.4 Externe investeringen

Het initiatief moet leiden tot extra investeringen in de regio Holland Rijnland door andere partijen naast Holland Rijnland en/of de inliggende gemeenten.

Artikel 3.5. Hoogte van de bijdrage aan het initiatief

Een bijdrage aan een initiatief is beperkt tot maximaal €100.000,- en is niet structureel van aard. Wel kan deze bijdrage over meer jaren worden verspreid.

Artikel 3.6. Raadplegen Portefeuillehoudersoverleg (PHO)

Voorafgaand aan het in behandeling nemen van een bijdrage uit het Fonds aan een initiatief consulteert het DB het betrokken vakinhoudelijk Portefeuillehoudersoverleg (PHO). Deze consultatie kan schriftelijk plaatsvinden. 

Hoofdstuk 4 Behandelen verzoek om bijdrage uit het Fonds

Artikel 4.1 Toepassen Algemene Subsidieverordening

De Algemene Subsidieverordening is van toepassing op een verzoek van een initiatiefnemer om een bijdrage uit het Fonds.

Artikel 4.2 Vooroverleg over initiatief

Voorafgaand aan een verzoek om een initiatief te ondersteunen, overleggen de initiatiefnemer(s) met het DB om na te gaan of het alternatief voldoet aan de voorwaarden zoals geformuleerd in de artikelen 3.1, 3.2, 3.3, 3.4 en 3.5 van deze Verordening.

 

Daarnaast dienen in de beschrijving van het initiatief de volgende punten te worden opgenomen:

  • a.

    de instellings-, ondernemings- , en rechtspersoongegevens van de initiatiefnemers;

  • b.

    een beschrijving van het initiatief in een ontwikkelplan, plan van aanpak of business case; waarin is opgenomen de doelstelling, beoogd resultaat, werkwijze van de uitvoering met een onderbouwing van kosten;

  • c.

    de door initiatiefnemers te leveren bijdragen en inzet;

  • d.

    de tijdsplanning;

  • e.

    de afspraken over voortgangs- en eindrapportage.

Artikel 4.3 Verslag van het vooroverleg

Vervalt.

Hoofdstuk 5 Besluit toekennen bijdrage uit het Fonds

Artikel 5.1 Behandelen verslag als aanvraag incidentele subsidie

  • 1.

    Een door initiatiefnemer(s) gedateerde en geaccordeerde initiatiefbeschrijving zoals genoemd in artikel 4.2 wordt tezamen met een verzoek om een bijdrage uit het Fonds, door het DB aangemerkt als een volledig en in behandeling te nemen verzoek om een bijdrage.

  • 2.

    Het verzoek wordt door het DB volgens de Algemene Subsidieverordening als aanvraag voor een incidentele subsidie in behandeling genomen.

  • 3.

    Het besluit van het DB geldt als een beschikking subsidieverlening volgens de Algemene Subsidieverordening.

  • 4.

    Per jaar is een beperkt budget beschikbaar. Toekenning vindt alleen plaats indien dit binnen de beschikbare middelen valt.

Hoofdstuk 6 Slotbepalingen

Artikel 6.1 Niet voorziene gevallen

Vanaf het moment van het DB besluit tot subsidieverlening uit het Fonds, worden onvoorziene gevallen door het DB behandeld met toepassing van het subsidierecht uit de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening.

Artikel 6.2 In werking treden, werkingsduur en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2020.

  • 2.

    Deze verordening wordt aangehaald als: Beheersverordening Fonds Cofinanciering Holland Rijnland.

Artikel 6.3 Bekendmaking en inwerkingtreding

Het Dagelijks Bestuur maakt de inhoud van de Beheersverordening Fonds Cofinanciering Holland Rijnland op de gebruikelijke wijze bekend. 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van 18 december 2019

de Secretaris,

L.A.M. Bakker

de Voorzitter,

H.J.J. Lenferink

Toelichting

 

Algemeen

 

Eind 2015 is door het Algemeen Bestuur de Inhoudelijke Agenda 2016 – 2020 vastgesteld en op 30 oktober 2019 de Regionale Agenda 2019-2023 als opvolger daarvan. In deze agenda’s zijn de ambities en speerpunten op het gebied van Maatschappij, Economie en Leefomgeving door de 14 (en door de fusie van Noordwijk en Noordwijkerhout later 13) samenwerkende gemeenten vastgesteld. Daarbij is geconstateerd dat ten behoeve van het faciliteren en versnellen van projecten die bijdragen aan het realiseren van de opgaven uit deze Inhoudelijke Agenda het wenselijk is om financiële middelen beschikbaar te hebben. Daarbij is het de wens om extra middelen van andere partijen dan Holland Rijnland of de inliggende gemeenten aan deze regio te binden. In het verleden is bijvoorbeeld via het Regionaal Investeringsfonds veel succes geboekt.

 

Het Dagelijks Bestuur vindt het belangrijk om financiële middelen beschikbaar te hebben voor cofinanciering. De ervaring is dat bij een aanvraag voor cofinanciering het als gevolg van besluitvormingstrajecten en begrotingswijzigingen lang duurt om deze beschikbaar te krijgen. Dit vraagt van het Dagelijks Bestuur vaak creatieve oplossingen om toch snel financiële middelen beschikbaar te hebben, of het risico te lopen kansen te missen. Als de regio een cofinancieringsbudget beschikbaar heeft kan zij snel op kansen inspringen, zonder daarvoor een extra bijdrage aan gemeenten te hoeven vragen in de vorm van begrotingswijzigingen.

 

Hierbij is flexibiliteit nodig om te kunnen inspringen op innovaties en/of kansen die zich voordoen uit bijvoorbeeld de markt en/of onderwijs. Een voorbeeld hiervan is een publiek-privaat initiatief om te komen tot een toegepaste vakopleiding gericht op scholing van personeel voor topsectoren (Greenports, Health- and Lifesciences, Space) in de regio. Hiermee wordt niet alleen het vestigingsklimaat verbeterd, maar worden ook ontwikkelkansen aan jongeren geboden. Verder kan worden gedacht aan projecten op het gebied van energietransitie, maar ook vernieuwing van de zorg. Initiatieven dienen passend te zijn binnen de Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda, waarbij aan de voorkant geen harde omschrijving kan worden gegeven waaraan dient te worden voldaan. Innovatie kan natuurlijk niet worden voorspeld.

 

Artikelsgewijze toelichting

 

Hoofdstuk 2 Fonds Cofinanciering

 

Art. 2.1 t/m art. 2.8

Met ingang van 1 januari 2017 is er een door het AB ingesteld Fonds Cofinanciering.

Er komt jaarlijks een financiële voeding van het Fonds uit de begroting. Eventueel kan het Algemeen Bestuur bij de vaststelling van de jaarrekening besluiten tot het bestemmen van een positief rekeningresultaat ten behoeve van het Fonds. Het DB kan een bijdrage uit het Fonds toekennen aan een initiatief uit de regio dat bijdraagt aan het realiseren van de ambities uit de Inhoudelijke Agenda / Regionale Agenda of een initiatief dat aansluit op de actualiteit en innovatief van aard is en van belang voor de regio. Per initiatief kan maximaal € 100.000 worden toegekend. Werken met een Fonds en het in vooroverleg met de initiatiefnemer(s) voorbereiden van de aanvraag om een bijdrage maakt een korte behandel- en besluittermijn mogelijk.

 

Hoofdstuk 3 Beschikbaarheid middelen uit het Fonds

 

Er kunnen middelen uit het Fonds beschikbaar worden gesteld als aan voorwaarden is voldaan. In het vooroverleg wordt het initiatief besproken. Het initiatief moet een bijdrage leveren aan de ambities uit de Inhoudelijke Agenda 2016 – 2020 en de Regionale Agenda 2019 - 2023 op de onderwerpen Maatschappij, Economie en Leefomgeving en/of een initiatief zijn uit de actualiteit dat innovatief van aard is en van belang voor de regio. De beschrijving van het initiatief en de wijze waarop deze voldoet aan de voorwaarden vindt plaats in een ontwikkelplan, plan van aanpak of business case. Hierin wordt ingegaan op de doelstelling, beoogd resultaat en de werkwijze van de uitvoering. Hierbij wordt een onderbouwing van de kosten gegeven. Ook komt aan de orde de door initiatiefnemer(s) te leveren bijdragen, inzet en de tijdsplanning. Het initiatief dient bovengemeentelijk zijn; dat wil zeggen dat er een bovenlokaal belang dient te zijn of een effect dat een bovengemeentelijke uitstraling heeft.

 

Hoofdstuk 4 Behandelen verzoek om bijdrage uit het Fonds

 

Omschreven zijn de minimale voorwaarden waaraan een verzoek dient te voldoen. Gekozen is voor een informeel vooroverleg. Op deze wijze wordt de kansrijkheid van de daadwerkelijke aanvragen voor cofinanciering vergroot.

 

Hoofdstuk 5. Besluit toekennen bijdrage uit het Fonds

 

In verband met rechtszekerheid belangen van partijen, en de noodzaak om rekening en verantwoording af te leggen, is de behandeling van het verzoek om bijdrage en het besluit daarover onder de werking van de Algemene subsidieverordening gebracht.

Ga naar het begin